Het bierbrouwen op Texel begon in 1994, toen metselaar en thuisbrouwer Harry Bonne de Tesselse Bierbrouwerij opende in een deel van de voormalige zuivelfabriek De Eendracht bij Oudeschild. De ketels en tanks kwamen grotendeels uit de zuivelindustrie, en het bier sloeg op het eiland direct aan. Winstgevend werd het echter niet, en in 1998 viel het doek. In mei 1999 nam de Groninger Jaap van der Weide de brouwerij over, verbouwde haar grondig en ging verder als Texelse Bierbrouwerij met nieuwe recepten.
Sindsdien groeide Texels uit tot een van de grotere speciaalbierbrouwerijen van Nederland, met rond 2020 zo'n tachtig medewerkers. Sinds 2003 wordt gebrouwen met gerst die op Texel zelf wordt verbouwd, en de bieren dragen namen in het Tessels dialect, zoals de bekende Skuumkoppe. De Jutters Bock is meerdere keren uitgeroepen tot beste bockbier van Nederland. Eind 2020 kwam de brouwerij volledig in handen van Heineken, dat beloofde dat Texels op Texel blijft; het brouwteam onder Tom van der Veen werkt nog altijd in de oude zuivelfabriek, al wordt een deel van de bieren om milieuredenen aan de overkant gebrouwen.